Jan Dijkhuizen over MPR

De cijfers over de koeien van zijn klanten zijn voor dierenarts Jan Dijkhuizen onmisbaar. Hij heeft inmiddels 22 jaar praktijkervaring als geborgd rundveedierenarts voor De Graafschap Dierenartsen in het oosten van Gelderland. Het overgrote deel van de melkveehouders in zijn praktijk is deelnemer aan mpr.

Enkele vragen aan hem over zijn ervaringen met mpr.

 

Op welke manier gebruik je de mpr in jouw werk?

‘De meeste veehouders in de praktijk hebben toestemming gegeven om mpr-uitslagen direct met ons te delen via PirDAP. Dit betekent dat ik automatisch de verslagen in mijn mailbox krijg. Ik probeer de diergezondheid op de bedrijven waar ik de vaste dierenarts ben, in grote lijnen te blijven volgen. Dan weet ik waar ik over praat als ik op de bedrijven kom voor bedrijfsbegeleiding. Een enkele keer zie ik in de uitslagen iets raars en dan neem ik contact op met de veehouder. Meestal is er dan wel een goede verklaring voor. Overigens heeft de veehouder mij meestal wel gebeld voordat ik in de mpr-uitslagen zie dat er echt iets misgaat met de diergezondheid.’

 

Wat zijn de belangrijkste cijfers waar je naar kijkt bij de beoordeling van mpr-uitslagen?

‘Een belangrijke indicator voor de algemene diergezondheid op een bedrijf is het vervangingspercentage. Is dat hoog, dan is dat een aanwijzing dat de algemene diergezondheid te wensen overlaat. Ook het kengetal NDR (Netto Dag Rendement) zegt veel over de duurzaamheid van de veestapel en de efficiëntie van de melkproductie. Verder kijk ik altijd naar het verloop van de productie over de verschillende groepen in de lactatie. Als de productie van de verse koeien tegenvalt, of de verhouding tussen vet en eiwit hoog is, dan weet je dat je moet gaan werken aan de verbetering van het transitiemanagement.’

 

Gebruik je mpr ook om zicht te houden op de uiergezondheid?

‘Jazeker. Het aantal dieren met een verhoogd celgetal, en dan met name het aantal nieuwe verhogingen, geeft veel informatie over de ontwikkeling van de uiergezondheid op een bedrijf. Al moet je wel voorzichtig zijn met het interpreteren van deze data. Gaat het echt om nieuwe gevallen of zijn het oude gevallen die steeds opnieuw opvlammen? In het eerste geval is het wel zinvol om bacteriologisch onderzoek te doen en te behandelen. In het tweede geval heeft dat weinig zin.’

Jan Dijkhuizen: ‘Vooruitstrevende dierenartsen kunnen niet zonder data. Mpr levert die data’

Hoe belangrijk is mpr voor het werk van een dierenarts?

‘Vooruitstrevende dierenartsen kunnen niet zonder data. Ons werk verschuift meer en meer van het behandelen van het individuele dier naar het volgen van de gezondheid van het hele koppel. Van probleemoplosser worden we steeds meer begeleider en adviseur. Deze taak kun je alleen goed uitvoeren als je beschikt over data die inzicht geven in het verloop van de diergezondheid. Met de mpr verzamelen veehouders deze data.’

 

Heb je nog een leuk succesverhaal waarin mpr een rol speelt?

‘Op een avond voor veehouders vertelde ik over een bedrijf waar we een aantal aanpassingen in het transitiemanagement hadden doorgevoerd. Zo was de veehouder overgeschakeld op een ander droogstandsrantsoen. Aan de hand van het verloop van een aantal kengetallen uit de mpr kon ik laten zien wat het resultaat was van deze verbeteringen. Zo zat er een sterk stijgende lijn in de Netto Opbrengst en het Netto Dag Rendement van de veestapel. Na afloop kwam een van de veehouders uit de zaal naar me toe. Hij vroeg zich af van wie deze mooie cijfers waren. Lachend kon ik hem melden dat het cijfers van zijn eigen bedrijf waren.’

 

Op welke manier zou mpr nog meer kunnen ondersteunen bij borging en verbetering van de diergezondheid?

‘Er is beslist nog meer informatie te halen uit de melkmonsters die veehouders nemen voor de mpr. De ontwikkeling van onderzoek op stoffen die aanwijzingen geven voor de gezondheid van koeien, gaat door. Daarnaast kan er volgens mij meer gedaan worden met de informatie die we nu al krijgen. Nu moet ik zelf door de verslagen bladeren en data combineren voor de juiste interpretatie. Met behulp van slimme programmatuur moet dat ook geautomatiseerd kunnen worden. Dat zou zowel veehouders als dierenartsen helpen om nog beter en sneller zicht te krijgen op de diergezondheid. Wellicht kan er in de toekomst dan ook een koppeling worden gemaakt met data die veehouders zelf dagelijks verzamelen, bijvoorbeeld via melkrobots.’