Olivier Bulot: ‘Onze brown swiss wordt elke lactatie beter’

categorie Algemeen
21
sep
2020
0
Reacties
Olivier Bulot tijdens AHG Schau 2018

Gehalten en duurzaamheid, dat zijn de speerpunten van de brownswissfokkerij in Frankrijk. ‘We mixen alle beschikbare genetische brownswissbronnen’, noemt Olivier Bulot als een van de succesfactoren van het brownswissfokprogramma van de Franse ki-vereniging BGS.

De brownswiss-stieren van BGS zijn sinds de augustusdraai opgenomen in het aanbod van CRV.

 

Hoge gehalten, robuust en duurzaam

Brownswisskoeien in Frankrijk? Veel veehouders zullen ervan opkijken. De harde, bruine koeien kennen hun oorsprong in Duitsland, Zwitserland en Italië. ‘We hebben een populatie van zo’n 16.000 brownswisskoeien’, vertelt Bulot. ‘Meer dan in de Verenigde Staten.’
De ambitieuze ki-organisatie BGS mixt voor haar vooruitstrevende fokprogramma genetica uit alle landen. ‘We streven naar een brown swiss met hoge gehalten, met veel duurzaamheid en een robuust uiterlijk, onze koeien zijn dus niet te melktypisch’, beschrijft Bulot het fokdoel. ‘Nog een kenmerk: de koeien worden elke lactatie beter.’

 

A2A2, BB en Pp

De stieren worden bijna allemaal standaard gefokt met de kenmerken A2A2 en BB. ‘We hebben geluk dat dit in onze populatie veel voorkomt’, weet Bulot. ‘Veel van onze veehouders maken zelf kaas, die krijgen zo een hogere efficiëntie.’ Bij enkele stieren staat zelfs PP of Pp achter de naam. ‘Omdat daar ook meer vraag naar is.’

Het is een bijzonder compleet pakket aan gewenste kenmerken dus, waar Bulot nog aan toevoegt dat het doel ook is de brown swiss in verschillende bedrijfssystemen topprestaties te laten halen. ‘Veehouders die de koeien veel laten grazen of die biologisch zijn, merken dat de brown swiss het met een lage input heel gemakkelijk doet. Evenzogoed kunnen de koeien gemiddeld 10.000 liter melk produceren bij intensieve rantsoenen. Onze brown swiss past op alle bedrijven met de overeenkomst dat de gehalten altijd hoog zijn.’

 

Aantrekkende export

Jaarlijks test Evolution zo’n 130 jonge stierkalveren op genomics, een techniek die al veel jaren het fundament onder het succesvolle fokprogramma is. ‘Daar kiezen we er zo’n 20 van uit die voldoen aan alle eisen’, vertelt de Fransman. ‘Uiteindelijk houden we dan 8 stieren over die het tot genomicteststier schoppen.’
Heel lang zullen de stieren echter niet op de ki verblijven. ‘We voeren een zogenaamd koud stierensysteem. Wanneer de stieren sperma hebben geleverd, voeren we ze af’, legt Brulot uit. ‘Jaarlijks hebben we aan 50.000 doses sperma genoeg, maar die hoeveelheid verdelen we wel over zoveel mogelijk verschillende stieren. Door de stieren snel af te voeren voorkomen we dat één stier te veel invloed krijgt. We houden vast aan maximaal 6,25% verwantschap.’
Het koude stierensysteem gaat echter niet voor alle stieren op. ‘De export trekt aan, het buitenland ontdekt ook de kracht van onze brown swiss. Stieren als Olympic Pp en Optimal worden bijvoorbeeld veel gevraagd. Zij mogen nog langer blijven.’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *