Fokken op voerefficiëntie geeft bedrijfseconomische koeien

categorie Efficiëntie
13
feb
2018
0
Reacties
voerefficiëntie
Jan Nieuwenhuizen: ‘Genetische verschillen in voerefficiëntie bieden nieuwe kansen voor de fokkerij’

‘De efficiëntie van de omzetting van voer in melk is een belangrijk economisch kengetal’, vindt melkveehouder Jan Nieuwenhuizen. De fokker is altijd overtuigd geweest van de erfelijkheid van voerefficiëntie. Tot voor kort moest hij echter zelf een schatting maken van de vererving van stieren.

‘Hoe kan het dat dochters van de ene stier met dezelfde hoeveelheid voer zomaar 10 kilo melk meer geven dan dochters van de andere stier?’ Jan Nieuwenhuizen heeft het zich tijdens zijn loopbaan als boer vaak afgevraagd. ‘Voerefficiëntie, het aantal kilogrammen melk dat een koe gemiddeld uit een kilo voer haalt, is een belangrijk economisch kengetal’, stelt de melkveehouder uit Zevenhoven.
‘En dit kenmerk wordt alleen maar belangrijker als we willen werken aan de verlaging van de CO2-voetafdruk van de productie van melk’, denkt hij. ‘Als we de genetische verschillen tussen dieren in beeld kunnen brengen, dan biedt dat grote nieuwe kansen voor de fokkerij.’

 

Blijven zoeken naar verbetering

In maatschap met zijn vrouw Pauline en dochter Maryse houdt Nieuwenhuizen een 140-tal melkkoeien en 100 stuks jongvee op 60 hectare grond. Naast het melkvee- en fokbedrijf exploiteert de familie een landwinkel en diverse accommodaties voor plattelandsrecreatie. In het boekjaar 2016-2017 realiseerde de veestapel een gemiddelde productie van 12.479 kg melk met 4,16% vet en 3,42% eiwit. De actuele melkgift van de koeien – die met robots worden gemolken – ligt, met een bsk van 60, nog op een iets hoger niveau.
Hij mag dan inmiddels gelden als een nestor, de fokker van bewezen Newhousekoeien en -stieren blijft zoeken naar mogelijkheden om zijn veestapel genetisch te verbeteren.

‘Grote en zware koeien die blijven vreten, zijn mooi. Maar ze zijn niet efficiënt als ze daar geen extra melk voor teruggeven’

 

Boerenkoeien met gemiddelde maten

‘In ons fokdoel staan bedrijfseconomische kenmerken voorop’, legt de veehouder uit. ‘Ook onze stiermoeders zijn gewone boerenkoeien met gemiddelde maten, die bij iedereen in de stal zouden passen. Grote en zware koeien die maar blijven vreten, zijn mooi. Maar ze zijn niet efficiënt als ze daar geen extra melk voor teruggeven’, stelt hij op basis van zijn jarenlange ervaring.
Dat er tussen individuele koeien grote verschillen zijn in voerefficiëntie, stond voor Nieuwenhuizen al lange tijd vast. En hij is er altijd zeker van geweest dat deze verschillen voor een belangrijk deel genetisch zijn bepaald.

 

Blij met cijfers

De fokker is dan ook enthousiast over de nieuwe fokwaarde ‘besparing voerkosten voor onderhoud’ (zie kader). ‘Tot voor kort moest ik zelf een inschatting maken van de vererving van de voerefficiëntie van stieren’, legt hij uit. ‘Het is mooi dat er nu cijfers beschikbaar zijn. Daar kan CRV niet genoeg aandacht aan besteden’, vindt Nieuwenhuizen.
‘Overigens is voerefficiëntie geen kenmerk om je blind op te staren’, geeft de fokker aan. ‘We willen natuurlijk geen koeien fokken die melk geven ten koste van hun eigen gezondheid’, legt hij uit. ‘Daarom blijf ik kijken naar het totale verervingspatroon. Er zijn gelukkig genoeg stieren die laten zien dat het mogelijk is om koeien te fokken die efficiënt, gezond én duurzaam zijn.’

Fokwaarde besparing voerkosten voor onderhoud

Sinds december 2017 wordt van alle stieren de fokwaarde besparing voerkosten voor onderhoud gepubliceerd. Deze wordt uitgedrukt in euro per koe per lactatie. De fokwaarde is gebaseerd op gegevens over de gemeten voeropname en melkproductie. Al het voer dat koeien niet gebruiken voor de productie van melk, gebruiken ze voor beweging, vertering en onderhoud. Met de fokwaarde besparing voerkosten voor onderhoud kan gefokt worden op koeien die voer efficiënt omzetten in melk.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *