CRV actualiseert berekening kengetallen NO, ISK, LW en BSK

categorie Efficiëntie
11
aug
2020
0
Reacties
MPR levert info voor kengetallen
Door actualisering van NO, ISK, LW en BSK verandert uw mpr-uitslag vanaf 1 september

CRV gaat de berekening van de kengetallen Netto Opbrengst (NO), Individuele StandaardKoe (ISK), LactatieWaarde (LW) en BedrijfsStandaardKoe (BSK) actualiseren. De aanpassingen hebben te maken met veranderingen in de productie van vaarzen.

De melkproductie en persistentie van eerstekalfsdieren is in de afgelopen jaren toegenomen als gevolg van fokkerij en veranderingen in management. Dit betekent dat vaarzen, met name aan het eind van de lactatie, nu meer melk produceren dan enkele jaren geleden. De melkgift van vaarzen is daardoor nu niet alleen absoluut hoger, maar ook relatief ten opzichte van latere lactaties. De huidige berekening van NO en ISK sluiten hier niet meer volledig op aan. Dit betekent dat de NO en (in minder mate ook de ISK) van vaarzen wordt overschat. En, omdat de gemiddelde lactatiewaarde van alle melkgevende dieren altijd 100 is, worden de lactatiewaarden voor oudere dieren licht onderschat.

 

Nieuwe rekenformules

Met geactualiseerde rekenformules is de berekening van NO, LW, ISK en BSK weer helemaal up-to-date. De aanpassingen zullen vooral zichtbaar zijn in de lactatiewaarden van vaarzen, die zullen gemiddeld met zo’n 6 punten zakken. Voor de tweedekalfsdieren blijven de lactatiewaarden ongeveer gelijk en voor de oudere koeien stijgen deze met gemiddeld vier punten. Op bedrijfsniveau zal de BSK gemiddeld dalen met een halve punt en de Netto Opbrengst met zo’n 5 procent. De exacte veranderingen verschillen van bedrijf tot bedrijf, afhankelijk van het aandeel vaarzen in de veestapel.

 

Per 1 september

De geactualiseerde berekening wordt doorgevoerd bij de start van het nieuwe MPR-jaar op 1 september. Dit heeft geen effect op de berekening van de werkelijk geproduceerde hoeveelheid melk, het daarvan afgeleide rollend jaargemiddelde en het Economisch JaarResultaat (EJR).

De veranderingen die u vanaf 1 september op uw MPR-uitslag vindt, ziet u hieronder
(klik op de afbeelding voor een vergroting).

kengetallen
Of klik hier om de afbeelding als pdf-bestand te openen.

 

Achtergrondinformatie over NO, LW, ISK en BSK

De Netto Opbrengst (NO), LactatieWaarde (LW), Individuele StandaardKoe (ISK) en BedrijfsStandaardKoe (BSK) worden berekend op basis van informatie uit de MelkProductieRegistratie (MPR). Het zijn belangrijke kengetallen voor het management van een melkveebedrijf.

 

Netto Opbrengst

De Netto Opbrengst (NO) wordt voor iedere koe na elke monstername berekend door de gerealiseerde of voorspelde lactatieproductie van kilogrammen vet, eiwit en lactose te vermenigvuldigen met een economische waarde voor deze componenten. Om de NO van individuele koeien eerlijk te kunnen vergelijken wordt de productie gecorrigeerd voor het seizoen van afkalven, de leeftijd bij afkalven en de (verwachte) tussenkalftijd. De economische waarde wordt berekend als de gestandaardiseerde opbrengsten van vet, eiwit en lactose verminderd met de berekende voerkosten. De NO geeft dus inzicht in het rendement van een lactatie en maakt lactaties binnen een bedrijf vergelijkbaar. Op de MPR-uitslag worden naast een NO per dier ook een bedrijfsgemiddelde en gemiddelde NO’s voor verschillende groepen gepubliceerd.

 

LactatieWaarde

Na iedere MPR wordt voor iedere koe een LactatieWaarde (LW) berekend. Dit kengetal wordt berekend door de Netto Opbrengst van een individueel dier te delen door de gemiddelde Netto Opbrengst van het hele koppel. De LW geeft dus aan in hoeverre een dier bijdraagt aan het economisch resultaat. Het is voor veehouders dan ook een belangrijk hulpmiddel bij het nemen van beslissingen over bijvoorbeeld het insemineren, behandelen of afvoeren van koeien. De gemiddelde LW kan ook worden weergegeven voor groepen dieren, bijvoorbeeld op basis van leeftijd of lactatiestadium.

 

Individuele Standaardkoe

De Individuele Standaardkoe (ISK) geeft van iedere individuele koe de dagproductie in kilogrammen melk weer op de dag van monstername. Hierbij wordt de melkgift omgerekend naar de productie die het dier zou hebben gerealiseerd op 50 dagen in lactatie, na afkalven in februari of maart op een leeftijd van 69 tot 92 maanden. Door de correctie voor leeftijd, seizoen van afkalven en lactatiestadium is de ISK van verschillende monsternames vergelijkbaar.

 

BedrijfsStandaardkoe

De gemiddelde ISK van alle melkgevende dieren in de koppel is de BedrijfsStandkaardKoe (BSK). Dit kengetal is een maatstaf voor het gemiddelde productieniveau op het moment van de monstername en kan worden gebruikt om schommelingen in productie te signaleren. De BSK kan ook worden weergegeven voor groepen dieren, bijvoorbeeld op basis van leeftijd of lactatiestadium.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *